Limburg enige provincie waar de huismus nog vaakst geteld wordt

Limburg enige provincie waar de huismus nog vaakst geteld wordt

HASSELTDe huismus lijkt na het Grote Vogeltelweekend van Natuurpunt in Vlaanderen helemaal van de troon te zijn gestoten. Voor het tweede jaar op rij staat de soort niet op één. De huismus moet de vink (op plaats één) en de kauw (op plaats twee) laten voorgaan. Behalve in Limburg: daar heerst de huismus nog altijd over de tuinen. “Veel heeft te maken met het landschap. In verstedelijkte gebieden zie je meer vinken en kauwen in de tuin. Limburg is daar anders in”, zegt Gerald Driessens van Natuurpunt.

Mireille MAES

Veel meer mensen lijken dit jaar vogels in hun tuin te hebben geteld en zo lijkt de jongste editie van het Grote Vogeltelweekend van Natuurpunt opnieuw een recordeditie te worden. Dat het slechte weer daar voor iets tussenzat, wordt niet uitgesloten door de kenners van Natuurpunt. “Maar er viel duidelijk ook wat te bekijken in de tuinen. Uit de voorlopige resultaten blijkt dat er meer vogels en meer soorten werden gespot. Opvallend is dat we dit jaar een nieuwe winnaar hebben: de vink. Die van vorig jaar, de koolmees, zakt naar de vierde plek. Tussenin staan de kauw en de huismus. Maar het blijft een nek-aan-nekrace tussen deze vier soorten”, vat Driessens de resultaten samen. Dat blijkt ook in Limburg, waar de huismus de vaakst getelde soort blijft, voor de koolmees op plaats twee en de vink op plaats drie.

Wat Natuurpunt uit deze resultaten leert, is dat elke winter anders is. “Dat de vink ineens op plaats één staat, heeft deels te maken met de korte winterprik van vorige week. Die heeft deze soort naar de tuinen gelokt. En vinken zijn gewoon nooit alleen. Als je er een ziet, zie je een hele groep. Die vinken hebben er altijd gezeten. Alleen zagen we ze dit jaar meer. Ze zijn dus zeker niet massaal meer aanwezig.”

Andere vogels blijken nog altijd niet uit een dal te geraken. “Daaronder tel ik de huismus, die intussen nog maar in 45 procent van de tuinen is gesignaleerd. Maar hetzelfde geldt ook voor de merel. Waar de soort vier jaar geleden nog in 90 procent van de tuinen werd aangevinkt, is dat nu nog 72 procent. De oorzaak is niet ver te zoeken: het usutuvirus (dat lelijk huishield in de merelpopulatie, nvdr.)”, legt de vogelspecialist van Natuurpunt uit. Ook de heggemus hoort in dit lijstje thuis.

Nieuw dit jaar is dat Natuurpunt via een vragenlijst wil nagaan of kippen in een tuin een invloed hebben op de aanwezigheid van vogels. “Die data moeten we nog bekijken, maar het lijkt logisch dat vogels vogels aantrekken.”

BRON: HET BELANG VAN LIMBURG 29 januari 2019

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *